Curatoren, English, Poetry, Politiek, Prose, RMW Festival 2014

you have to write about it

Kettly Mars Amsterdam

English below

Van 16 mei tot 16 juni was de Haïtiaanse Kettly Mars, op uitnodiging van het Letterenfonds en het Amsterdams Fonds voor de kunsten, Writer in Residence in Amsterdam. Read My World organiseerde een bijeenkomst over haar werk en dat van andere Haïtiaanse auteurs in de OBA. Mars is ook curator voor het Read My World Festival 2014, waarvan de focus zal liggen op Caraïbische literatuur, journalistiek en poëzie.  Hieronder een filmverslag van Mars’ tijd als writer in residence.

From the 16th of May until the 16th of June, the Haïtian Kettly Mars was Writer in Residence in Amsterdam. Below a short film about her stay (in English).

 


Continue reading

Agenda, Politiek, RMW Festival 2014

Een nieuwe visie op Haïti


Democratische cultuur en traditie

Met de problemen rondom de machtswisseling, in het bijzonder het onvermogen van politieke partijen om zich los te maken van de macht die gebaseerd is op de figuur van de charismatische leider, dringt de noodzaak om nieuwe vormen van organisatie te vinden zich aan de Haïtianen op. Tegelijkertijd moeten deze nieuwe vormen van politiek zich baseren op structuren die al bestaan in de samenleving.

Deze situatie biedt een uitstekende strategie om de positie van de politieke partijen te versterken, en ze te veranderen in apparaten die daadwerkelijk politieke macht hebben. We moeten de partijen dichter bij de gewoontes van de mensen brengen.
Continue reading

Prose, RMW Festival 2014

Ik ben niet mooi

Ik ben niet mooi. Ik ben opgegroeid met die zekerheid. Mijn huid was te donker en mijn haar te kort. Ik haalde geen goede cijfers, en hoe aardig ik ook deed, nooit kreeg ik dezelfde blikken van affectie toegeworpen die mijn nicht ten deel vielen, noch hadden mensen voor mij dezelfde zachte vriendelijke toon waarmee ze mijn broer aanspraken die, zoals mijn oma dat zo bot kon zeggen, nou eenmaal ‘geler’ was dan ik.

Het is 1978, ik ben net zeven geworden, ik woon in een bedompte wereld. Er zijn veel geuren. Ik kan ze nog steeds ruiken. Ik slaap op een dunne handgemaakte matras. Ik heb zelf geholpen om die matras te maken. Onder het laken ligt een plastic hoes die ik hoor kraken als ik beweeg. Ik plas nog in bed, dus dat stugge plastic dat ik door het dunne laken heen kan voelen, en dat de toch al niet erg comfortabele matras nog oncomfortabeler maakt, ligt er nog wel even. Ik ben de enige die nog in bed plast. Misschien plassen alleen meisjes met een te donkere huid in bed. Ik stel veel vragen. Niet alleen aan mezelf, maar ook aan het licht dat door het gerasterde raam naar binnen valt. Het is het einde van het schooljaar, mijn vader zegt trots tegen iedereen dat ik al op de basisschool zit. Maar hij zegt nooit dat het niet uitmaakt of je een lichte of donkere huid hebt. Ik wil op mijn nichtje lijken (…)

Het is donker in mijn kamer. Ik kan me alleen maar die zelfgemaakte bedden herinneren, en de geur van pis, die niet uit de lakens of mijn kleren te wassen valt. Ik heb het idee, ten onrechte wellicht, dat alle gesprekken om mij heen gaan over mijn huidskleur. En ik kan aan niets anders denken dan aan het veranderen van mijn huidskleur. Kostte wat het kost. Zodat ik eindelijk de affectie zou krijgen die, zoals ik toen geloofde, onlosmakelijk verbonden was aan schoonheid, aan huidskleur. Er is misschien niets ergers dan een eenzaam kind.

Agenda, Nieuws

12 mei: Emmelie Prophète

 

Emmelie Prophète komt uit Port-au-Prince en studeerde Rechten en Moderne Letterkunde in Haïti en Communicatie in Missisipi, VS. Zij schrijft zowel journalistieke stukken als proza en poëzie. Naast haar schrijverschap is zij verantwoordelijk voor het culturele gedeelte van de site Le Nouvelliste, presenteert zij al jarenlang een jazz-programma op de radio, gaf ze les en was ze cultureel attaché in Genève. Prophète bracht twee dichtbundels uit en drie romans.
Continue reading

Prose, RMW Festival 2014

Mijn naam is Fridhomme (novelle, fragment)

Mamma zei : we hebben je Fridhomme genoemd omdat je vlak na de Bezetting geboren bent.  Je vader hoorde dat woord van de Amerikanen die toezicht hielden als hij moest werken. Ze waren aan het kletsen en dat woord kwam vaak voorbij. ‘Freedom’ zeiden de mariniers dan terwijl ze onze mannen dwongen om in de brandende genadeloze zon stenen te sjouwen, om met een moorddadig tempo emmers aan elkaar door te geven. Ze zeiden dat ze ons dat woord kwamen brengen : Freedom. Op een gegeven moment weigerden Pappa en de anderen om zes dagen per week voor niks te werken, en de politie heeft ze toen streng gestraft. Ik geloof dat Pappa toen de echte betekenis van het woord heeft geleerd. Hij heeft toen begrepen dat Freedom betekent dat je je niet meer kapot hoeft te werken onder bevel van een ander, niet meer hoeft te zwoegen langs de kant van een eindeloze witte weg, niet meer overal buitenlandse uniformen met die kille, bedreigende helmen hoeft te zien, niet meer die onbekende taal hoeft te horen. Pappa had het begrepen, maar hij stierf binnen een jaar na mijn geboorte. De mariniers waren net vertrokken. Mamma zei dat het lichaam van Pappa zo krom als een snoeimes was geworden omdat hij altijd zo gebogen stond als hij moest werken.

Verschenen in The Caribbean writer, (in het Frans en het Engels) Deel 25,2011.
Vertaling: Ernst van den Hemel

Prose, RMW Festival 2014

Dode tijd

Hier, hier is de beeldhouwer gesneuveld, de beeldhouwer die werkte met de brokstukken die elke morgen voor zijn voeten gegooid werden.

Op een minuut rennen – ongeveer het tempo waarmee iemand zich verwijdert als er een hardhandige operatie van MINUSTAH[1] gaande is –  wacht het paleis, gescheurd en gebarsten als uitgedroogde aarde. Het volk tegenover het paleis kijkt elkaar aan. Men klampt zich vast aan de tijd, de tijd van gebalde vuisten, van cholera en van de beloftes van chaos.


Continue reading